Binnenstadscampus gezichtsbepalend voor UvA

Een toelichting van Maria Heijne (Bibliotheek UvA/HvA), Gerard Nijsten (directeur bedrijfsvoering FGw) en Cees van der Wolf (directeur HuisvestingsOntwikkeling UvA).

2 februari 2016

De Binnenstadscampus komt er, zoveel staat vast. De Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw) en de Universiteitsbibliotheek (UB) worden daar gehuisvest en mogelijk straks ook het bestuur van de UvA.

Naast de geesteswetenschappen en de Universiteitsbibliotheek worden wellicht extra functies toegevoegd aan het programma voor de Binnenstadscampus zoals een plek voor het bestuur, een congresruimte, meer ruimte voor evenementen en een aula voor promoties. Gerard: 'De kleur van de Binnenstadscampus wordt zo meer UvA dan alleen FGw en UB.' En daarmee krijgt de campus meerwaarde voor de UvA als geheel, aldus Maria. 

Scenario’s

Behalve de uitbreiding van het programma worden twee scenario’s uitgewerkt tot een (voorlopig) ontwerp. Het ene scenario is het huidige, waarbij de Universiteitsbibliotheek op het Binnengasthuisterrein komt, het andere gaat uit van de UB in de Oudemanhuispoort. 

X

Studenten bij de Oudemanhuispoort

Voortschrijdend inzicht

De uitwerking van een tweede scenario komt mede door de gebeurtenissen in 2015 (bezetting Maagdenhuis, red.). Maria en Gerard noemen de toevoeging van extra functies als onderdeel van beide scenario’s 'voortschrijdend inzicht'. 'Alle ontwikkelingen in 2015 hebben als het ware geleid tot een breder perspectief', zegt Maria. Immers, de Binnenstadscampus is de meest gezichtsbepalende campus. Gerard: 'Universiteiten worden vaak visueel gepresenteerd aan de hand van een aantal historische gebouwen die met de geschiedenis van die universiteit verbonden zijn. Voor de UvA is dat onder meer de Oudemanhuispoort.

Grotere potentie

Tot nu toe is de Binnenstadscampus misschien vooral gezien als de plek voor FGw en de UB, maar het heeft een grotere potentie, het representeert de UvA als geheel.' Cees: 'We kijken hoe we de ruimte op de Binnenstadscampus zo optimaal mogelijk kunnen invullen. En de herbezinning betekent ook dat we de kans hebben om de lessons learned van de andere campussen mee te nemen. '

X

Binnenstadscampus

Hart van de UvA

Cees ziet de Binnenstadscampus als de kroon op alle campussen. 'Deze campus kan de centrale plek worden voor UvA-brede evenementen, vanuit de gedachte dat de Oudemanhuispoort eigenlijk van oudsher het hart van de UvA is. We hebben een juweel in handen.

Solidariteit

Nu al spreekt de UvA met  partijen die zich op of bij dit ‘Universiteitskwartier’ willen vestigen.' Hij legt uit dat de UvA de afgelopen jaren heeft gewerkt aan de uitvoering van vier open stadscampussen. De Binnenstadscampus is de vierde en laatste. 'Dit veronderstelt financiële, inhoudelijke en morele solidariteit van alle faculteiten. Zoals ook alle faculteiten solidair waren aan de campussen die al gebouwd zijn, Science Park en Roeterseiland.' 

Perspectief

'Wat is het perspectief? Over een x aantal jaren is de Binnenstadscampus the place to be voor studenten', zegt Cees. 'Het bestrijkt een groter gebied, dan dat rondom de Oudemanhuispoort en het Binnengasthuisterrein. En we streven naar een energie neutrale invulling bijvoorbeeld door de inzet van warmte- en koudeopslag waardoor de huisvestingslasten fors omlaag kunnen. De gemeente Amsterdam wil daaraan ook een bijdrage leveren. Het is een rustiek verblijfsgebied als tegenhanger van het drukke Rokin en de Wallen. Wat mij betreft met vele hofjes.' De universiteit is er met haar studenten en medewerkers prominent aanwezig, daarnaast natuurlijk de bewoners. Toeristen in mindere mate. Gerard spreekt van 'een long waar je adem kunt halen na de hectiek van de Dam en het Wallengebied.'  Vanuit de droom, de Binnenstadscampus als visitekaartje voor de UvA, moeten we volgens Cees een keuze voor de invulling maken. 

X

Studenten op de Binnenstadscampus

Academische gemeenschap

Als het aan de drie directeuren ligt, is de keuze van de academische gemeenschap straks tussen twee uitgewerkte scenario’s met extra UvA-brede functies, inclusief een goede financiële onderbouwing. 'Ons inziens gaat het om een beslissing op gebiedsniveau', aldus Maria. Vragen die bij de keuze centraal staan zijn onder meer: zijn we bereid investeringen te doen ten gunste van kwaliteit?; staan de huisvestingslasten in verhouding tot goed faciliteren van onderwijs, onderzoek en valorisatie?; willen we het bestuurscentrum op de Binnenstadscampus plaatsen?; is het geheel financierbaar? is sprake van redelijke onderhoudskosten? Kortom, wat is de meest effectieve en toekomstbestendige invulling van de campus?

Vertraging start bouw

De scenario’s moeten op (voorlopig) ontwerpniveau uitgewerkt zijn, zodat de academische gemeenschap tot een goede keuze kan komen. Dat betekent vertraging voor de start van de bouw, voorheen gepland in 2016. Toch kan de UvA volgens Cees de oorspronkelijke prognose halen (oplevering totale Binnenstadscampus in 2023/2025, red.) 'We investeren nu extra tijd in goede voorbereiding, samen met de academische gemeenschap, omwonenden en de gemeente. Bij een goede voorbereiding horen bijvoorbeeld het opstellen van een programma van eisen en de aanvraag van vergunningen, zodat de bouw in 2018 van start kan. We streven naar een efficiënte uitvoering voor alle betrokkenen door het hele gebied in één keer aan te pakken.'

Leegstand

De buurt hoeft niet bang te zijn voor leegstand. Gerard: 'We doen er alles aan om dat te voorkomen. Dat zijn we niet alleen verplicht aan de bewoners, maar evenzeer aan de medewerkers die er al zitten zoals van Kunstgeschiedenis en Algemene cultuurwetenschappen, Bijzondere Collecties en het Allard Pierson Museum. En de medewerkers die de komende maanden naar het Bushuis en Oost-Indisch huis komen. Op de begane grond van het voormalige Service- en Informatiecentrum komt bijvoorbeeld ‘Vox-pop’, pop-up initiatieven als tentoonstellingen en lezingen van studenten, medewerkers en omwonenden. Ook de afdeling HuisvestingsOntwikkeling van de UvA wordt hier gevestigd.' 

X

Tijdelijke onderkomen VOX POP, HuisvestingsOntwikkeling UvA en Bureau Nieuwbouw HvA

Gepubliceerd door  HuisvestingsOntwikkeling